Phelsuma madagascariensis grandis,
Madagascar reuze daggekko
Wetgeving: Cites B
Uiterlijk
Deze phelsuma’s zijn groen van kleur en hebben in mindere of meerdere maten
rode vlekken, verder hebben ze een witte buik. Soms kunnen ze van kleur
veranderd zijn, meestal donker bruin, dit is een teken van stress. Laat het
dier rustig bijkomen, hierna zal hij/zij weer groen kleuren.
De grandis is met zijn ca. 30 cm voor de mannetjes en zijn ca. 24 cm voor de
vrouwtjes de grootste van zijn soort.
Verspreidingsgebied
Deze gekko komt uit noord en oost Madagaskar, ook
zijn ze in Hawaï uitgezet waar ze een gezond populatie
gevormd hebben.
Huisvesting
Voor een koppel van deze gekko’s heeft men minimaal
een terrarium nodig van 40x40x80. Het terrarium dient
ingericht te worden met veel gladde takken (bamboe), ook
dienen er horizontale takken te zijn onder de lampen
zodat ze zich kunnen opwarmen. Wanneer er te weinig
takken zijn zowel verticaal als horizontaal dan zullen
ze langs de ramen poepen en op het plafond slapen, wat
een klapstaart tot gevolg heeft.
Zorg
voor een omgevingstemperatuur van ca. 25-30˚C. ’s Nachts
mag de temperatuur dalen tot ca. 18˚C.
Deze daggekko heeft een luchtvochtigheid nodig van ca.
65 tot 75%, om dit te bewerkstelligen dient men ca. 1x
per dag te sproeien.
Ook stellen phelsuma’s schuilgelegenheden, in de vorm
van sanseveria’s, op prijs.
Voeding/water
Phelsuma’s eten allerlei insecten zoals krekels,
krulvliegen, wasmotten en voor de jonge dieren
fruitvliegen. Ook lusten ze graag fruit, babyvoeding en
Phelsumax.
Sproei ze elke dag want dan likken ze de waterdruppels
op, want phelsuma’s drinken zelden uit een waterbak.
Geslachtsonderscheid
Mannetjes hebben grotere kamvormige gele pre-anale
en femoraalporiën, ook hebben ze een dikkere
staartwortel. Verder hebben de vrouwtjes grotere wangen(
kalkzakjes).
Kweken
Deze soort kan het beste in een verhouding van 1:1
worden gehouden, dus 1 man en 1 vrouw. Wanneer deze een
koppel vormen dienen ze niet meer uit elkaar gehaald te
worden.
De paring kan er vrij agressief aan toe gaan, er wordt
namelijk veel in de nek gebeten. Dit kan leiden tot
wonden bij het vrouwtje, deze zullen echter snel
genezen.
Binnen enkele weken na de paring zal het vrouwtje een
cluster van twee eieren op een verscholen plek vast
plakken. Deze eitjes kunnen het best in het terrarium
worden uitgebroed, ze zijn namelijk moeilijk ‘heel’ te
verwijderen. Men kan daarom het best een krekelbakje
o.i.d. over de eieren heen plakken, omdat de ouders de
jongen zullen aanvallen. Wanneer het toch mogelijk is om
de eieren in een broedstoof te leggen dan moeten deze op
vermiculiet in een verhouding 2:1 (1 deel water) bij een
temperatuur tussen de 26 tot 29˚C worden uitgebroed. De
eieren zullen dan na 40 tot 90 dagen uitkomen, wanneer
ze echter in het terrarium zelf worden uitgebroed kan
dit langer duren.